Inleiding in draadloze netwerken
Straalverbindingen:
Hoe hoger de frequentie hoe rechtlijniger de signalen worden (straalverbindingen)
en WLANs gebruiken zeer hoge frequenties (2,4 tot 2,5 GHz). In dit
frequentiebereik zijn de kleinste invloeden reeds merkbaar zoals antennepositie,
weersverandering, regen, mist, coaxverliezen, zelfs de connectors geven een
extra demping en moeten van het juiste/geschikte type zijn (SMA /
N-connectors hebben het
minste verlies).
Maar omdat dit een licentievrij stuk van het spectrum is zitten hier ook andere
stoorelementen zoals microgolfovens, draagbare telefoons, draadloze koptelefoons,
etc
Reflecties:
Nog een grote stoorfactor zijn reflecties, omdat de signalen zich zeer
rechtlijnig voortplanten weerkaatsen ze ook op water, gebouwen, treinen, wagens,
helikopters, vliegtuigen. Zo kan het gebeuren dat een ontvanger een zelfde
signaal 2 of meermaal binnenkrijgt met een heel kleine vertraging, een zelfde
zendsignaal
kan zichzelf dus storen. Het is zelfs zo erg dat als de situatie slecht genoeg
is de storing van het 2e signaal 180° in fase gedraaid is tov het originele signaal en zo dit eerste volledig gaat onderdrukken en er dus
niets ontvangen zal worden.
Demping:
Verschillende materialen zijn ondoordringbaar door deze hoge frequenties
en zijn dus perfect als afscherming maar laten geen signalen door. Betonnen of
stenen muren, metalen kasten etc zijn zwaar signaalverzwakkende materialen.
Teflon heeft een kleine demping, metalen zoals koper/aluminium zijn een grote demping,
sommige kuststoffen kunnen ook een merkbare demping teweegbrengen.
Om te weten of u materiaal geschikt is om u AP buiten te gebruiken kan u best
de microgolftest doen, leg het materiaal in u microgolfoven, zet er een glaasje
water bij als belasting voor de microgolfoven en laat deze enkele
minuten op volle kracht draaien, als u materiaal warm is geworden is het een dempend materiaal, is het nog koel dan is het bruikbaar om u antenne/AP af te schermen
tegen de weersinvloed.
Antennevormen
Antennelink
Er zijn verschillende types antennes met allemaal hun eigen stralingveld.
Een omnidirectionele antenne zal als rondstraler in alle richtingen even sterk
zijn. En is daarom uitermate schikt om WLAN aan een breed publiek op korte
afstand aan te bieden.
Een directionele antenne (yagi/double-quad/paneel antenne) zal zijn energie
bundelen in een bepaalde richting en is daarom zeer geschikt om verre afstanden
te overbruggen.
Een sectorantenne is dan weer een mix, een soort breedstralende directionele
antenne.
Een directionele antenne heeft een stralingshoek van 4 tot 30° afhankelijk
van de winst en het ontwerp. Hoe groter de winst hoe kleiner de
stralinghoek.
Een sectorantenne heeft een vrij hoge winst en een brede stralinghoek 90 a
120°. Je kan dus met enkele sectorantennes een krachtige rondstraler bouwen.
De openingshoek word bepaald dat tussen de hoogste stralingswaarde en een hoek
van het stralingpatroon niet meer dan 3 dB demping zit.
Ter info een demping van 3 dB betekent een verlies van 50%.
Dus een antenne met 6 dB winst maar met 3 dB connector en kabelverlies komt op
een effectieve winst van 3db als we daar 100 mW inputvermogen steken van ons wlan-kaartje of AP. Dan krijgen
we een effectief uitgestraald vermogen (ERP) van 200 mW.
Nog een rekenvoorbeeld een AP met 23 dbm zendvermogen (200mW) en 6 dB kabelverlies
met 24 db antennewinst =>
23db - 6db + 24db = 41 dbm => 12,589 W ERP (Effectief uitgestraald
vermogen)
Kabelverliezen
Hoe dunner de kabel en hoe slechter het deëlectricum (coax isolatie tussen
kern en mantel) hoe hoger het kabelverlies wordt. Voor een klassieke RG-58 coax
mag je al snel 1dB /meter
rekenen en om eerlijk te zijn 0.5 dB/connector is ook niet overdreven in de
praktijk.
Dus maak je een pigtail van 2m RG-58 met 2 connectors op dan heb je 3dB
demping dus je bent al de helft van u zend en/of ontvangstsignaal kwijt.
Pigtails
Je kan dus best een dikke verliesarme coax gebruiken om u antenne aan te
sluiten aan u AP of pcmcia wifi kaartje.
MAAR hoe krijg je die dikke coax op die paar mm grote connector van u AP ?

MC Card-Stekker en Ecoflex-15 past niet :-)
Je moet hiervoor een verloopkabeltje (pigtail) gebruiken en best via een N-connector lopen, deze is zowel voor de héél dikke coaxen tot +3cm dik
verkrijgbaar als voor de
hele dunne tefloncoaxen van enkele mm dikte.
Deze verbindingskabel neem je best zo kort mogelijk, omdat deze kabels wel grote
verliezen hebben, meestal zijn die 20 a 30 cm lang.
Hieronder staat een kleine tabel met coaxgegevens, dit zijn kabelverliezen
/100m.
Je moet de rij nemen van 2320 Mhz deze is het dichts bij de 2450 Mhz van de
Wlan band.
|
Typ |
RG-316 |
RG-174 |
RG-58/U |
RG-223 |
H-500 |
RG-213 FOAM |
AIRCOM plus |
AIRCELL 7 |
ECOFLEX 10 |
ECOFLEX 15 |
H-155 |
|
|
Impedance |
50 |
50 |
50 |
50 |
50 |
50 |
50 |
50 |
50 |
50 |
50 |
Ohm |
|
Outer diameter |
2,6 |
2,6 |
5,8 |
5.4 |
9,8 |
10,3 |
10,3 |
7,3 |
10,2 |
14,6 |
5,4 |
mm |
|
Loss at |
30 MHz |
18 |
20 |
9,0 |
7,9 |
|
3,7 |
2,5 |
|
|
|
3,4 |
dB/100m |
|
144 MHz |
32 |
34 |
19 |
17,6 |
|
4,94 |
4,5 |
7,9 |
4,8 |
3,4 |
11,2 |
dB/100m |
|
432 MHz |
60 |
70 |
33 |
|
|
9,3 |
8,2 |
14,1 |
8,9 |
6,1 |
19,8 |
dB/100m |
|
1296 MHz |
100 |
110 |
64,5 |
|
16,8 |
18,77 |
15,2 |
26,1 |
16,5 |
11,4 |
34,9 |
dB/100m |
|
2320 MHz |
140 |
175 |
|
|
24,5 |
23,7 |
21,5 |
39 |
23,1 |
16,0 |
|
dB/100m |
|
Velocity factor |
0,7 |
0,66 |
0,66 |
0,66 |
0,81 |
0,8 |
0,8 |
0,83 |
0,86 |
0,86 |
0,79 |
|
|
Max. load at |
10 MHz |
900 |
200 |
|
|
|
2000 |
5550 |
2960 |
3900 |
6450 |
550 |
W |
|
145 MHz |
280 |
95 |
|
|
|
1000 |
700 |
1000 |
1850 |
1000 |
240 |
W |
|
1000 MHz |
120 |
30 |
|
|
|
120 |
280 |
190 |
350 |
560 |
49 |
W |
Prijzen (04/2004) van Coax-kabels bij HFelectronics.be in Hoboken:
| Kabel Type |
Kostprijs |
| H-500 |
1.2 Euro/m |
| N-Connector voor H-500 |
5 Euro/st |
| Ecoflex-15 |
4.25 Euro/m |
| N-Connector voor Ecoflex |
9.5 Euro/st
|
Meer coaxinformatie staat op deze
link. Antenne mast
Om een goede link te
leggen moet je vrij zicht hebben naar het andere station.
Daarvoor is meestal
een antennemast onmisbaar omdat je anders niet boven de andere huizen en bomen
uitkomt. Je kan die mast op het dak zetten met spankabels of met een
tegelvoet. Er is ook de mogelijkheid om de mast met
muurbeugels
tegen een zijmuur of schoorsteen te plaatsen. Laat u vooral niet vangen
door het fabeltje dat wlan maar een paar honderd meter ver gaat.
Er zijn al wifi testen geweest van
5 Km en zelfs tot
42
Km. Voorwaarde is uiteraard VRIJ ZICHT. Allemaal met standaard vermogen van
AP (70 mW) Hier de link naar enkele
mastbevestigingen.
Hier
de link naar enkele voorbeeldmasten.
Auteur: Stefan Lambrechts (ON4SH)
|


 |
WEP
|
 |
|
Vergeet als u geen publiek AP
hebt zeker geen WEP encryptie op te zetten,
anders kan iedereen meekijken op u AP.
|
 |
Pigtails
|
 |
|
Dit zijn korte
verbindingskabels tussen u WLAN device en u
dikke coax naar u externe antenne.
|
 |
Zelfbouwantenne
|
 |
|
Een bi-quad antenne is
makkelijk zelf te bouwen op 2 uurtjes.
|
|